Leeftijdsmelding

Poker Termen

In het poker zijn er, als in geen ander spel, honderden termen in zwang die iets zeggen over het spel. Als beginner gaat het je duizelen. Wij hebben de poker termen voor je op een rijtje gezet en leggen uit wat ze betekenen

Lijst met poker termen

A

  • ABC Poker
    Poker volgens het boekje spelen. Bij een goede hand verhoog je en bij een zwakke hand fold je. Je bluft overigens ook niet vaak.
  • Aas (Aas-hoog)
    De Aas is een kaart met de hoogste waarde in poker, maar kan ook dienen als lage kaart voor een straat zoals A, 2, 3, 4, 5. Aas-hoog betekent de best mogelijke hand zonder een combinatie te hebben. Dit is slechter dan een paar.
  • Actie
    Als een speler aan de beurt is en moet reageren (check, bet, fold, raise).
  • Actiekaart
    Een gemeenschappelijke kaart dat mogelijk de handen van meerdere spelers kan verbeteren, resulterend in veel actie aan tafel.
  • Add-on
    In een pokertoernooi is er een optie waarbij je extra fiches koopt, ongeacht hoe groot je stack op dat moment is. De add-on wordt vaak in een Rebuy toernooi aangeboden.
  • Air (Lucht)
    Een hand met een lage waarde. Je hebt helemaal niets of je bluft zonder een sterke hand te hebben.
  • Agressief (Aanvallend)
    Een ‘agressive player’ speelt agressief in poker. Hij speelt meer aanvallend door meer handen te spelen.
  • Ante
    Een geforceerde inzet welke betaald wordt door elke speler om de kaarten te ontvangen.
  • All-in
    Je volledige stack in de pot stoppen. Op dit moment ben je ‘all-in’ en riskeer je het om uit een toernooi te liggen.
  • Anna Kournikova
    Een term voor de hand Aas-Koning in Texas Hold’em. Grove vertaling “het ziet er beter uit dan het speelt”.

B

  • Backdoor (flushdraw)
    Een of meerdere kaarten opeenvolgend moeten krijgen om je hand compleet te maken. Als voorbeeld, je start met twee harten kaarten. Op de flop valt maar één harten. De turn en river brengen beiden een harten kaart om je flush te vormen.
  • Bad beat
    Een hand verliezen terwijl je enorm favoriet bent. Als voorbeeld, je start met twee Azen en de tegenstander heeft K, Q suited. In dit geval win je 82.13% van de keren.
  • Belly buster
    Het krijgen van een kaart die leidt naar een ‘inside straight’. Dit betekent een missende kaart in het midden van de straat en niet aan het einde.
  • Bet
    Geld of fiches in de pot stoppen zonder dat er een verhoging heeft plaatsgevonden.
  • Big blind
    Een geforceerde inzet om altijd geld in de pot te krijgen. Deze moet betaald worden voordat je kaarten hebt ontvangen. Het is het dubbele van de ‘Small blind’.
  • Big slick
    Big slick is de term voor een Aas-koning. Het woord ‘slick’ betekent in het Engels ‘glibberig en professioneel’. Het betekent in feite dat het een aantrekkelijke combinatie is, maar het vaak tot grote verliezen leidt door deze hand te overschatten.
  • Big stack
    Een stack met fiches dat relatief groot is op basis van levels / limieten waarmee op dat moment gespeeld wordt. Het verwijst soms ook naar de grootste stack aan tafel.
  • Blocking bet
    Een aanzienlijk lage inzet om tegenstanders te ontmoedigen tot het doen van een hogere inzet.
  • Bluf
    Een inzet met een hand dat wiskundig gezien waarschijnlijk niet de beste hand is.
  • Boat (Boot)
    Een andere benaming voor ‘Full house’, een combinatie van Three of a Kind en een Paar.
  • Bounty
    Een gebruikelijke aspect in een Bounty pokertoernooi die spelers beloond voor het elimineren van andere spelers. De waarde van een Bounty kan verschillen per type toernooi.
  • Bring in
    Een geforceerde inzet bij Stud poker. De houder met de hoogste kaart open legt de ‘bring in’ op tafel.
  • Bubble
    De slechtste positie om in een pokertoernooi eruit gespeeld te worden. Deze speler zal nét niet in de prijzen vallen. Soms komen organisatoren of casino’s met een troostprijs voor deze spelers.
  • Burn kaart
    Een kaart die verwijderd wordt van het deck, voordat kaarten worden uitgedeeld aan spelers.
  • Button
    Een ronde witte schijf dat aangeeft wie de dealer is.
  • Buy-in
    Het minimale vereiste bedrag dat je moet betalen om deel te nemen aan pokertoernooien of cash games.

C

  • Call
    Inzet plaatsen die gelijk staat aan de ‘bet’ (inzet) of ‘raise’ (verhoging).
  • Calling station
    Een speler die niet veel verhoogt (Raise), maar wel vaker met een hand mee gaat dan hij zou moeten (call).
  • Cap
    Een limiet op het aantal verhogingen die toegestaan zijn in een inzetronde. Vaak drie of vier maximaal. Soms wordt de ‘cap’ eraf gehaald wanneer er nog twee spelers over zijn. Een ‘cap’ is ook een limiet op het aantal geld dat dealers weg mogen nemen uit de pot (Rake) tijdens een cash game.
  • Cash game
    Een pokerspel waar elke hand voor echt geld gespeeld wordt.
  • Check
    Niets inzetten. Dit kan alleen als er niemand heeft verhoogd en je al deelneemt aan de pot of in de ‘Big blind’ zit.
  • Check-raise
    Een check met de intentie om te verhogen, mocht een speler na jou de inzet verhogen.
  • Chip dumping
    Een soort van tactiek waarbij de ene speler met opzet al zijn fiches verliest aan een andere speler.
  • Chipleader
    De speler met de meeste fiches in een toernooi.
  • Coinflip
    Een situatie waarbij twee spelers all-in zijn en ongeveer dezelfde kansen om te winnen hebben.
  • Cooler
    Een situatie waarbij een speler de op één na beste hand heeft en verliest tegen de best mogelijke hand. In deze situatie zullen vrijwel alle spelers hun fiches in de pot stoppen (all-in).
  • Cowboys
    Pocket koningen in Texas hold’em.
  • Cut card
    Een ondoorzichtige kaart aan de onderkant van een deck om te voorkomen dat spelers de onderste kaart te zien krijgen.
  • Crap shoot
    Toernooi met een slechte structuur, waarbij poker-vaardigheden een mindere rol spelen
  • Cutoff
    De speler aan de rechterkant van de button. De op één na beste positie in Texas Hold’em.

D

  • Dealer
    De speler met de button voor zich en / of de persoon die de kaarten uitdeelt.
  • Dead man’s hand
    Wild Bill Hickok (wethouder) uit 1926, werd vermoord toen hij deze hand vasthield. Het zijn twee zwarte azen en achten.
  • Deep stack
    Een relatief grote stack vergeleken met de gebruikelijke stacks die je krijgt in een toernooi. De blinden gaan langzamer omhoog in een deep stack toernooi vanwege langer durende levels.
  • Dood geld
    Dood geld verwijst naar het geld dat in de pot is gestopt door spelers die al gefold hebben in de hand.
  • Double up
    Al je geld inzetten tegen een speler met hetzelfde of meer fiches en je volledige stack verdubbelen na het winnen van de hand.
  • Donkey
    Een zwakke speler (fish) die niet weet wat hij doet.
  • Downswing
    Een langdurige periode waarin een speler meer verliest dan hij verwacht had.
  • Doyle Brunson
    Een hand bestaande uit een 10, 2. Doyle Brunson won de WSOP twee keer op rij met deze kaarten in de laatste hand van het toernooi.
  • Draw poker
    Pokervarianten waarbij elke speler vijf kaarten met de afbeeldingen naar beneden ontvangt. Het heeft de optie om één of meer kaarten in te ruilen en ze te vervangen door nieuwe kaarten in een poging om een betere hand te maken.
  • Drawing dead
    Je probeert een combinatie te vormen waarvan je denkt dat het de beste hand zal zijn, maar eigenlijk is dit niet mogelijk. Als voorbeeld, je hebt twee paar en probeert een ‘Full house’ te maken op de vijfde en laatste kaart (River), maar je tegenstander houdt al een ‘Four of a kind’ vast. Dan ben je ‘drawing dead’.
  • Ducks
    Een Paar tweeën.

E

  • Entry fee
    Entry betaal je wanneer een organisator een pokertoernooi heeft georganiseerd. Dit geld betaal je voor hun geleverde diensten. Een toernooi van €50+€5 betekent dat je €5 ‘entry fee’ betaald en er €50 in de prijzenpot wordt gestopt.
  • Etiquette
    Een geheel van beleefdheidsregels en omgangsvormen. Rekening houden met anderen aan de pokertafel.
  • EV (Verwachte waarde)
    EV (Expected Value) betekent de winst bovenop je investering die je terug kunt verwachten aan de hand van de kansen. Als je meer dan 50% equity hebt, dan is je EV positief, als dit lager is, dan is je EV negatief.
  • Equity (Wiskundig verwachte winst)
    Het percentage van hoeveel kans je hebt op het winnen van een pot. Als je 80% kans hebt om te winnen, dan heb je 80% van de equity.

F

  • Familie pot
    Wanneer elke speler met twee kaarten deelneemt aan de pot.
  • Favoriet
    Een favoriet is de speler met de betere hand. Vaak wordt een speler favoriet genoemd als er twee spelers all-in zijn en de ene veel meer kans dan de ander heeft om de hand te winnen.
  • Finaletafel
    De laatst overgebleven tafel in een pokertoernooi (6 of 9 spelers).
  • Fish
    Zwakke speler net als een ‘Donkey’.
  • Fixed limit
    Een structuur voor een pokervorm waarbij je alleen kunt inzetten en verhogen volgens bepaalde limieten.
  • Flat call
    Een call in een situatie waarbij de speler al verwacht dat er verhoogd wordt.
  • Flop
    De eerste drie kaarten die uitgedeeld worden op tafel. Elke speler mag deze kaarten gebruiken.
  • Flush
    Een hand bestaande uit vijf kaarten van dezelfde suit.
  • Flush draw
    Wanneer je vier kaarten van dezelfde suit hebt en nog één kaart nodig hebt om een flush te maken.
  • Fold
    Je kaarten opgeven en met de afbeelding naar beneden over de lijn naar het midden van de tafel schuiven.
  • Four of a kind
    Een hand dat bestaat uit vier kaarten van dezelfde waarde.
  • Freeroll
    De kans op het winnen van geld in een toernooi waar je kosteloos aan mee kunt doen.
  • Freeze-out
    Een pokertoernooi waarbij spelers zich eenmalig kunnen inkopen en er uiteindelijk gespeeld wordt tot er één speler over blijft.
  • Full house
    Een Full house zijn drie kaarten van dezelfde waarde (Three of a Kind) plus twee kaarten van dezelfde waarde (Paar). De beste Full house is die met de hoogste Three of a Kind. Als jij en een tegenstander beiden een Full house hebben, wordt er gekeken naar deze drie kaarten om aan te geven wie de winnaar is.

G

  • GG
    GG betekent ‘Good Game’ en wordt door veel spelers gebruikt op het moment dat ze geëlimineerd worden of een grote pot verliezen. Hiermee geven ze aan dat de tegenstander de hand goed gespeeld heeft.
  • Grinder
    Een speler die consistent poker als inkomstenbron gebruikt door kleine winsten over lange periodes te behalen.
  • Gut shot
    Een Gut shot is een hand met vier van de vijf kaarten die nodig is voor een straat, maar een kaart in het midden mist.

H

  • Hand voor hand
    In een pokertoernooi wordt er ‘Hand voor hand’ gespeeld op het moment dat je de ‘Bubble’ bereikt. Er hoeft nu nog maar één speler uit voordat je in de prijzen zit. Aan elke tafel wachten ze op andere tafels tot spelers de hand hebben beëindigd.
  • Heads-up
    Poker spelen tegen één speler.
  • Hero call
    Een relatief zwakke hand hebben en mee gaan (call) met een tegenstander omdat je denkt dat hij bluft.
  • Hi-low
    In de meeste pokervarianten zal enkel de meest hoge hand de pot winnen. Bij Hi-low varianten is het mogelijk om ook de helft van de pot te winnen met de meest lage hand.
  • High roller
    Een speler die voor hogere inzetten gokt. Extreme high rollers worden ook wel ‘walvissen’ genoemd.
  • Hold’em
    Ook bekend als Texas Hold’em. Een vorm van poker waar spelers twee kaarten krijgen en vijf gemeenschappelijke kaarten kunnen gebruiken om de beste 5-kaart hand te vormen.
  • Hole cards
    De kaarten van spelers met de afbeelding naar beneden.
  • Home game
    Een pokerspel die in privésfeer (vaak in het huis van een van de spelers of organisatoren) gespeeld wordt.
  • Hoge kaart
    Een hand zonder paar of enige combinatie. Er wordt dan gekeken naar de hoogste kaart. De Aas is de hoogste kaart in poker.
  • H.O.R.S.E
    H.O.R.S.E staat voor de ‘H van Hold’em’, ‘O van Omaha’, ‘R van Razz’, ‘S van Stud’ en ‘E van Eight or better’. In een H.O.R.S.E toernooi wisselen deze pokervormen elkaar af en wordt het vaak met een ‘limit’ structuur gespeeld.

I

  • Implied odds
    Rekening houdend met toekomstige ‘Calls’ van tegenstanders wanneer je op een ‘Draw’ zit. Je verwacht dat een of meerdere spelers mee gaan en op basis daarvan ga je ervan uit dat er meer geld in de pot komt. Daardoor is je eigen call rechtvaardig te noemen en krijg je de juiste ‘Pot odds’.
  • In positie
    Als een speler ‘In positie’ zit betekent dit dat hij als laatste aan de beurt is op de flop, turn en river. Dit biedt meer voordeel.
  • Inside straight
    Wanneer je een kaart krijgt om een straat compleet te maken. Hiervoor had je een kaart in het midden nodig. Als voorbeeld, je hebt een J, 9 en de flop komt K, 10, 7. In dit geval heb je een 8 nodig om een ‘Inside straight’ te maken.
  • Iron Duke
    Een onverslaanbare hand. Als voorbeeld, een ‘Royal flush’. Deze hand bestaat uit A, K, Q, J, 10 van dezelfde suit. Wordt ook vaak ‘Nuts’ genoemd.
  • Isolatie
    Het isoleren van een hand waarbij je een of meerdere spelers aanmoedigt om de hand weg te leggen (fold). De reden van isolatie is als je het liefst tegen een specifieke tegenstander over blijft in de pot.

J

  • Jackpot
    Een grote prijzenpot die verzameld wordt door het huis (pokerroom). Deze jackpot kan gewonnen als je bijvoorbeeld een grote ‘Bad beat’ krijgt. Ook wel een Bad beat jackpot genoemd.
  • Jacks or better
    Een nicknaam voor een paartje boeren of hoger in waarde.
  • Jackson five
    Een hand bestaande uit een J, 5. Vernoemd naar een succesvolle popgroep waar Michael Jackson en zijn broers bekend mee zijn geworden.
  • Jam
    Alle fiches in één beweging naar het midden schuiven (All-in).
  • Johnnies
    Pokerterm voor een paar boeren.

K

  • Knock-out
    In een knock-out toernooi heeft elke speler een ‘Bounty’ op zijn hoofd. Als een speler een tegenstander uitschakelt, wint hij deze Bounty. Het kan ook verwijzen naar een MTT (multi tafel toernooi) waar 1 speler per tafel door gaat naar de volgende ronde.
  • Keycard
    Een kaart die je hand sterk maakt.
  • Kicker
    Wanneer je dezelfde hand hebt als een andere speler bij de ‘Showdown’. Degene met de hoogste ‘Kicker’ wint de pot. Als er op tafel K, K, Q, Q, 5 ligt en je hebt A, J en je tegenstander heeft 10, 9, dan win je omdat je Aas-kicker tegen zijn 10-kicker speelt.
  • Klok
    Je kunt de klok op iemand zetten als hij teveel tijd nodig heeft in het nemen van een beslissing. Wanneer iemand om de ‘Klok’ heeft gevraagd, moet de speler in een bepaalde tijd een besluit nemen; als ze hierin falen, zal hun hand dood verklaard worden.
  • Kwalificerende hand
    De vereisten voor een hand om in aanmerking te komen voor de helft van de pot in een Hi-Lo spel.

L

  • Ladies
    Twee vrouwen.
  • Late positie
    Een positie in een ronde waar je als speler aan de beurt bent nadat de meeste spelers al geweest zijn. Meestal zijn dit de twee posities naast de ‘Dealer button’. De button zelf kan ook beschouwd worden als een late positie, maar dan ben je altijd als laatste aan de beurt en heb je meer informatie over wat een andere speler zou kunnen hebben.
  • Level
    Gebruikt in toernooien om aan te geven hoe hoog limieten van de blinden zijn. Bij een volgend level zijn de blinden hoger.
  • Laydown
    Als je ervoor kiest om een sterke hand neer te leggen.
  • Limieten
    De minimale en maximale toegestane inzet.
  • Limp
    Deelnemen aan een pot door enkel de ‘Big blind’ te callen in plaats van te verhogen.
  • Lowball
    Een pokervorm van ‘Draw poker’ waarbij de laagste hand de pot wint.
  • Luckbox
    Een persoon met zoveel geluk dat het walgelijks is. Een ‘Luckbox’ laat zien dat geluk een grotere rol dan vaardigheid speelt in poker.

M

  • Main pot
    De hoofd pot (vaak het grootst). Elke andere inzet wordt in de ‘Side pot’ geplaatst. Dit gebeurt alleen als een of meerdere spelers all-in zijn en niet genoeg stack hebben om aan de rest van de inzetten in de hoofd pot te voldoen.
  • Micro
    De laagste limieten in cash games of extreem lage Buy-in voor een ‘Sit and go’ of MTT (multi tafel toernooi).
  • Min-raise
    Niet meer dan de minimaal vereiste inzet plaatsen. Verhogen met de laagst mogelijke limieten.
  • Misdeal
    Een deal waarbij een fout is gemaakt en voor bepaalde redenen opnieuw geschud en uitgedeeld moet worden.
  • Monster
    Een hele sterke hand.
  • Muck
    Je kaarten weggooien. Het zijn opgestapelde kaarten die niet meer meedoen aan een ronde.
  • MTT
    Een toernooi waar meer dan 9 spelers aan mee doen. In dit geval moeten er meerdere tafels geopend worden, ook wel ‘multi tafel toernooi’ genoemd.

N

  • No limit
    Een limiet waarbij het toegestaan is om alle fiches in te zetten in een enkele bet.
  • Nuts
    De ‘Nuts’ is de best mogelijke hand in een bepaalde situatie.
  • Nut flush
    De best mogelijke flush (Aas hoog). Een Nut flush kan alsnog verliezen van een ‘Straight flush’.

O

  • Offsuit
    Kaarten van verschillende suit.
  • Omaha
    Een pokervariant waarbij er vijf gemeenschappelijke kaarten (zoals in Texas hold’em) worden gebruikt. Elke speler ontvangt vier eigen kaarten, waarvan twee altijd gebruikt moeten worden om een pokerhand te vormen.
  • Open ended (straight-draw)
    Een ‘Open ended’ komt vaak voor bij een ‘Straight draw’. Dit betekent dat twee kaarten kunnen helpen bij het compleet maken van een straat. Neem bijvoorbeeld een flop van 6, 9, 3 en je hebt zelf de kaarten 7, 8 in handen. Op dit moment kan een 5 of 10 je straat compleet maken, waardoor je in totaal 8 ‘Outs’ hebt.
  • Open seat
    Bij online pokerrooms wordt vaak ‘Open seat’ weergegeven aan ‘Cash game’ tafels. Dit betekent dat er nog plek is. Klik erop en je krijgt de mogelijkheid om een bedrag in te vullen en deel te nemen aan het spel.
  • Orbit
    Een volledige rotatie van de blinden aan een pokertafel. Het aantal rondes staat gelijk aan het aantal spelers aan tafel.
  • Outs
    In een pokerspel waar nog meer kaarten komen, wordt een ‘Out’ gezien als een kaart die nog niet gezien is, maar wel komt en uiteindelijk de hand van een speler kan verbeteren. Het is belangrijk om te weten hoeveel ‘Outs’ je hebt. Hoe meer, hoe beter.
  • Overpair
    Een pocket (Paar) die hoger is dan elk van de kaarten op tafel.
  • Overs
    Twee kaarten hoger dan het paar van de tegenstander. Bij een ‘All-in’ heb je dan twee ‘Overs’ (8 outs) om alsnog de hand te winnen.

P

  • Passief
    Een speler die gemakkelijk fold en liever checkt in plaats van te callen of raisen.
  • Pot limit
    Een inzetstructuur waarin er een maximaal limiet is ingesteld. Spelers mogen maximaal de hoogte van de pot verhogen per inzetronde. Deze structuur is uitermate geschikt voor ‘Tight’ spelers die liever hun kansen afwachten.
  • Pocket
    Het hebben van een ‘Paar’ als je ‘Hole cards’ (ontvangen kaarten van de dealer).
  • Pocket rockets
    Twee Azen, hoogst mogelijke starthand.
  • Poker face
    Een gezicht zonder uitdrukkingen hebben. Hierbij laat je geen informatie los aan de tegenstanders.
  • Pot-committed
    Een situatie waarbij iemand niet kan folden omdat de pot te groot is vergeleken met de grootte van de stack van de speler. Vaak heeft de speler in deze situatie al teveel fiches geïnvesteerd in de pot.
  • Pot odds
    Het aantal fiches in de pot vergeleken met hoeveel het kost om mee te gaan. Als de ‘Pot odds’ goed zijn, is het de moeite waard om te callen. Hierbij ga je uit van kaarten die nog komen en de verwachte waarde van de pot in totaal.
  • Preflop
    Het moment wanneer alle spelers hun kaarten hebben ontvangen maar er nog geen flop is neergelegd.

Q

  • Quads
    Vier van dezelfde kaarten, ook wel ‘Four of a kind’ genoemd.

R

  • Raise
    De inzet verhogen.
  • Railbird
    Een niet deelnemende toeschouwer van een pokerspel.
  • Rake
    De ‘Rake’ is de commissie dat een pokerroom of casino vraagt. Gebruikelijk is dat er 2,5% tot aan 10% van de pot per hand wordt gepakt in Cash games.
  • Rakeback
    Rakeback is soortgelijk aan ‘Cashback’ in een online casino. Je ontvangt een deel van de betaalde ‘Rake’ in een specifieke periode terug van bijvoorbeeld de pokerroom waar je poker speelt.
  • Rebuy
    Fiches die na de Buy-in ingekocht kunnen worden. In sommige pokertoernooien is het toegestaan voor spelers om extra fiches in te kopen. Het is veel voorkomend dat er vier levels fiches opnieuw bijgekocht mogen worden.
  • Re-raise
    Een Re-raise is een verhoging van een ‘Raise’ van een tegenspeler.
  • Rigged
    Rigged betekent letterlijk ‘bedrog’ in het Engels. Als er continu onwaarschijnlijke dingen gebeuren (vaak in het nadeel van de speler) zoals het verliezen van extreem sterke handen, kan de speler een pokersite ‘Rigged’ noemen.
  • River
    De laatste kaart die uitgedeeld wordt bij poker spellen met vijf gemeenschappelijke kaarten. Bij een kaartspel als Stud zal dit de zevende kaart zijn.
  • Rock
    Een erg passieve speler die weinig handen speelt en consistent sterke handen blijft spelen.
  • ROI
    De pokerterm ROI wordt vaak gebruikt door toernooispelers om te berekenen hoeveel winst of verlies ze maken. Deel de winst door de kosten en vermenigvuldig dit met 100 om op je ROI percentage uit te komen.
  • Royal flush
    Het hebben van A, K, Q, J, 10 van dezelfde suit. De hoogst mogelijke hand in de meeste pokervarianten.

S

  • Satellite
    Een pokertoernooi waar spelers een ticket kunnen winnen voor een groter toernooi. De ‘Buy-in’ hiervan is lager en het idee erachter is om op een goedkope manier voor bijvoorbeeld een ‘Main event’ te kwalificeren.
  • Semi-bluf
    Een bluf maken met de kans op het maken van een goede pokerhand bij een volgende kaart.
  • Shark
    Een zeer sterke speler vergeleken met minder bekwame spelers.
  • Short stack
    De speler met de minste fiches aan tafel of in een pokertoernooi.
  • Shorthanded
    Een tafel met 6 of minder spelers. Bij 2 spelers noem je het ‘Heads-up’.
  • Shove (Schuiven)
    De actie van het ‘All-in’ gaan, al je fiches in één beweging over de lijn heen schuiven.
  • Showdown
    Wanneer er twee of meer spelers nog deelnemen aan de pot nadat de laatste kaart en inzetronde voorbij is. Nu worden de kaarten opengegooid en de handwaardes met elkaar vergeleken. De ‘Showdown’ kan ook eerder plaatsvinden in het geval dat spelers ‘All-in’ zijn.
  • Shoot-out
    Een pokertoernooi waarbij de laatste speler van een tafel overblijft en door gaat naar een volgende ronde waarin andere overgebleven spelers het tegen elkaar opnemen. Elke tafel is onafhankelijk van de andere.
  • Side pot
    Een aparte pot die gecreëerd wordt op het moment dat een speler ‘All-in’ is. Andere spelers met meer fiches kunnen extra inzetten plaatsen. De speler dat eerder ‘All-in’ is gegaan maakt geen kans meer op deze ‘Side pots’.
  • Side game
    Een klein toernooi (Sit and go) naast een lopend pokertoernooi. Een ‘Side game’ is een pokertafel die geopend wordt voor geëlimineerde spelers in het hoofdtoernooi.
  • Sit and go
    Een pokertoernooi waarbij er geen specifieke tijd wordt aangegeven om te starten. De ‘Sit and go’ start als het vereiste aantal spelers deelnemen.
  • Slow roll
    Het vertragen van het tonen van je hand tijdens een ‘Showdown’. Vaak doen pokerspelers dit met een zeer sterke hand waarvan zij bijna zeker zijn van winst.
  • Small blind
    De helft van de ‘Big blind’ en een gedwongen inzet voordat de speler zijn kaarten heeft gezien. De ‘Small blind’ is de speler links van de ‘Button’.
  • Snowmen
    Een pokerterm voor twee achten in Texas Hold’em. Het is een woordspeling die verwijst naar hoe twee achten op een sneeuwpop lijken.
  • Split pot
    Een split pot komt voor als twee of meerdere spelers dezelfde handwaarde hebben. In deze situatie wint niet één speler de pot, maar wordt de pot verdeeld over meerdere spelers.
  • Stack
    Het aantal fiches dat een speler op welk moment dan ook in een pokertoernooi heeft.
  • Straddle
    Gebruikelijk in een Cash game om ervoor te zorgen dat er sneller gespeeld wordt. Een inzet kan al geplaatst worden (soortgelijk aan ‘Big blind’) voordat de kaarten gezien zijn. Vervolgens mag degene met de ‘Straddle’ als laatste beslissen wat te doen. Het kan in het geval van een goede hand een groot voordeel zijn omdat pokerspelers erop gebrand zijn om je ‘Straddle’ te stelen.
  • Street (Straat)
    Een straat is een pokerterm dat gebruikt wordt voor elke kaart die gedeeld wordt.
  • Straight
    Een pokerhand bestaande uit bijvoorbeeld 4, 5, 6, 7, 8 (vijf kaarten opeenvolgend).
  • Stud poker
    Een vorm van poker waarbij geen gemeenschappelijke kaarten aanwezig zijn. Kaarten worden vaak met zowel de afbeelding naar beneden als naar boven uitgedeeld aan de spelers.
  • Straight flush
    De op één na best mogelijke hand in Texas Hold’em poker. Deze hand kan op verschillende manieren gevormd worden. Als voorbeeld, 9, 10, J, Q, K van dezelfde suit.
  • String bet
    Wanneer een speler een inzet plaatst en vervolgens wilt gaan verhogen zonder aan te geven dat hij van plan was om te verhogen. Als je besluit te verhogen in een pokertoernooi, is het een vereiste om alle fiches in één keer over de lijn heen te schuiven of plaatsen en / of duidelijk van tevoren ‘Bet’ of ‘Raise’ te zeggen.
  • Suck out
    Een situatie waarbij iemand zwaar favoriet is maar evengoed de hand verliest door de kaarten die op tafel komen.
  • Suited
    Kaarten van dezelfde soort (bijvoorbeeld harten, ruiten, klaveren, schoppen) worden ‘Suited’ genoemd. Met suited kaarten heb je voor de flop meer kans om een ‘Flush’ te maken.
  • Suited connectors
    Een pokerterm dat verwijst naar twee kaarten opeenvolgend van dezelfde suit. Als voorbeeld, een K, Q van harten. Deze handen worden sterker dan gemiddeld beschouwd doordat ze de kans bieden op het maken van zowel een straat als flush met gemeenschappelijke kaarten op tafel.

T

  • Tell
    Een ‘Tell’ in poker is een verandering in het gedrag van een speler. Als je een Tell weet te ontdekken, kan je soms beter inschatten wat de tegenstander in handen heeft (sterke of zwakke hand).
  • Texas hold’em
    Texas Hold’em is de meest populaire pokervariant ter wereld. De meeste pokertoernooien worden in deze variant aangeboden. Het wordt met twee kaarten in de hand en vijf kaarten op tafel (gemeenschappelijke kaarten) gespeeld.
  • Three bet (3-bet)
    De eerste speler die drie eenheden van een verhoging plaatst. Als voorbeeld, een speler verhoogt met 300 fiches en een speler ‘Re-raised’ naar 1200 fiches.
  • Three of a kind
    Drie soortgelijke kaarten, bijvoorbeeld 8, 8, 8, 4, 3. Het wordt ook vaak ‘Set’ of ‘Trips’ genoemd. Bij een ‘Set’ heb je een pocket (Paar) in je handen, en ligt er een kaart die aansluit op je pocket op tafel.
  • Tight
    Wanneer een speler minder handen dan de gemiddelde speler speelt. Als een ‘Tight’ speler de inzet verhoogt kan dit duiden op een zeer sterke hand.
  • Tilt
    Mentale verwarring, frustratie of emotioneel overstuur wat uiteindelijk resulteert in slechte keuzes. Een speler kan ‘Tilt’ raken na een ‘Bad beat’ of grote verliezen in één keer.
  • Top kicker
    Een ‘Top kicker’ is de hoogst mogelijke kaart in een hand naast de pokerhand die gevormd is. Als twee spelers beiden twee soortgelijke paren hebben, wordt er gekeken naar de top kicker om een winnaar aan te wijzen. In het geval van een hogere ‘kicker’ op tafel, spelen beide spelers gelijk en resulteert dit in een ‘Split pot’.
  • Tray
    Een plateau waar fiches in geplaatst worden om naar een andere tafel te verplaatsen. Een Tray wordt vaak gebruikt als een speler teveel fiches heeft om zelf te kunnen dragen.
  • Top pair
    Hoogst mogelijke paar op tafel. Als voorbeeld, je hebt K, Q in handen en er ligt K, J, 10, 6, 4 op tafel.
  • Top two
    Twee hoogst mogelijke paren op tafel. Als voorbeeld, je hebt K,Q in handen en er ligt K, Q, 10, 6, 4 op tafel.
  • Trips
    Hetzelfde als een ‘Three of a kind’, een pokerhand bestaande uit drie soortgelijke kaarten.
  • Turn
    De turn is de vierde straat van vijf kaarten die als gemeenschappelijke kaarten op tafel worden uitgedeeld. De turn komt na de flop (eerste drie kaarten) en voor de river (laatste en vijfde kaart).

U

  • UTG
    UTG betekent letterlijk ‘Under The Gun’ en is de positie direct links van de ‘Big blind. De speler die UTG zit zal als eerste handelen in een inzetronde en kan als nadelige positie worden gezien tenzij je het alleen opneemt tegen één van de ‘Blinden’.
  • Underdog
    Een underdog is een speler met een lagere kans om te winnen tegen een andere speler.

V

  • Value bet
    Een verhoging (gebaseerd op de totale pot) waarbij de speler wilt dat de andere speler mee gaat (callt). Vaak in het geval van een zeer sterke hand.
  • Variantie
    De statistische meting van hoe daadwerkelijke resultaten verschillen van de verwachting in poker.
  • Video poker
    Een speelautomaat waarop poker gespeeld kan worden. Dit spel komt met RNG software en zal elke beurt willekeurige resultaten leveren. Bij de eerste spin krijg je de mogelijkheid om kaarten vast te houden en nogmaals de rollen te laten draaien om een 5-kaart pokerhand te vormen. De uitbetalingen zijn gebaseerd op handwaardes en de hoogste uitbetaling wordt geboden voor een ‘Royal flush’.

W

  • WPT
    WPT is de afkorting van World Poker Tour, een serie internationale toernooien voor professionele pokerspelers.
  • WSOP
    Het grootste pokerevenement ter wereld. De WSOP wordt jaarlijks in Las Vegas gehouden. Elke WSOP komt met een Main event van $10.000 Buy-in. De winnaar wordt bekroond als ‘beste pokerspeler ter wereld’.
  • Wheel
    Een straat met vijfhoog (A, 2, 3, 4, 5), waarbij de Aas als laag telt.

Disclaimer poker termen

Het is niet zo dat wij claimen dat deze lijst volledig is. Er ontstaan steeds nieuwe technieken in het poker en dus ook nieuwe poker termen. We zullen proberen de lijst up to dat te houden.

Ook is de betekenis van sommige poker termen dubbelzinnig en wordt per regio en soms per spelsoort anders uitgelegd. Dit even voor de duidelijkheid. Desalniettemin hopen we dat u iets heeft aan onze opsomming!

Ontvang 151 free spins!

Al wat je hoeft te doen om deze bonus in je mailbox te krijgen is je inschrijven voor onze nieuwsbrief met de beste casino bonussen en promoties. 7339 mensen gingen u voor!